Waarom hou je van een loonsverhoging minder over dan je verwacht? Vanaf een arbeidsinkomen van €45.592 daalt je arbeidskorting in 2026 met 6,510% per extra euro, tot hij bij €132.920 op nul staat. Omdat tegelijk de algemene heffingskorting afbouwt, lever je tussen €45.593 en €78.426 in totaal 50,47% in van elke extra euro — niet de 37,56% van je belastingschijf.
Kort samengevat
- De arbeidskorting is in 2026 maximaal €5.685, bereikt bij een arbeidsinkomen van €45.592.
- Daarboven daalt hij met 6,510% per euro, tot €0 vanaf €132.921 (tabel arbeidskorting 2026, Belastingdienst).
- Tussen €45.593 en €78.426 bouwt ook de algemene heffingskorting af (6,398%). Samen met schijf 2 geeft dat een druk van 50,47%; tussen €78.427 en €132.920 is het 56,01%.
- Het is geen extra belasting maar een korting die verdwijnt. Je gaat er netto altijd op vooruit, alleen minder dan het brutobedrag doet denken.
1. Wat is de arbeidskorting?
De arbeidskorting is een heffingskorting: een korting op de belasting die je betaalt, voor iedereen die werkt. Volgens de Belastingdienst wordt hij berekend over je arbeidsinkomen en past je werkgever hem al toe op je salaris. Het doel is werken lonen. Daarom stijgt de korting eerst mee met je inkomen — en daalt hij bij hogere inkomens weer.
Die daling, de afbouw, is de verborgen reden waarom een loonsverhoging netto vaak tegenvalt.
2. Hoe loopt de arbeidskorting in 2026?
Dit is de officiële tabel arbeidskorting 2026 van de Belastingdienst, voor wie de AOW-leeftijd nog niet heeft bereikt:
| Arbeidsinkomen | Arbeidskorting | Wat er gebeurt |
|---|---|---|
| t/m €11.965 | 8,324% × arbeidsinkomen | opbouw |
| €11.966 – €25.845 | €996 + 31,009% × (inkomen − €11.965) | snelle opbouw |
| €25.846 – €45.592 | €5.300 + 1,950% × (inkomen − €25.845) | trage opbouw tot €5.685 |
| €45.593 – €132.920 | €5.685 − 6,510% × (inkomen − €45.592) | afbouw |
| vanaf €132.921 | €0 | volledig afgebouwd |
Tot €45.592 levert elke extra euro dus nog een klein beetje arbeidskorting op. Daarboven kost elke extra euro je 6,51 cent aan korting.
3. Wat doet de afbouw met je netto?
De arbeidskorting staat niet alleen. De algemene heffingskorting (maximaal €3.115) daalt in 2026 met 6,398% per euro tussen €29.737 en €78.426. Tel je alles op, dan is de druk op een extra euro:
| Jaarinkomen | Opbouw | Druk op een extra euro |
|---|---|---|
| €29.737 – €38.883 | 35,75% + 6,398% − 1,950% | 40,20% |
| €38.884 – €45.592 | 37,56% + 6,398% − 1,950% | 42,01% |
| €45.593 – €78.426 | 37,56% + 6,398% + 6,510% | 50,47% |
| €78.427 – €132.920 | 49,50% + 6,510% | 56,01% |
| boven €132.920 | 49,50% | 49,50% |
Het omslagpunt is €45.592. Daaronder houd je zo’n 58 tot 60 cent over van een extra euro, daarboven nog geen 50 cent. Het complete plaatje inclusief toeslagen lees je in loont extra werken in Nederland.

4. Bereken je eigen loonsverhoging
🧮 Wat levert je loonsverhoging netto op?
5. Twee loonsverhogingen doorgerekend
Dezelfde verhoging van €2.000 bruto per jaar, bij twee salarissen:
| Van €40.000 naar €42.000 | Van €50.000 naar €52.000 | |
|---|---|---|
| Belasting schijf 2 (37,56%) | €751 | €751 |
| Minder algemene heffingskorting | €128 | €128 |
| Arbeidskorting | €39 méér (nog in opbouw) | €130 minder (afbouw) |
| Netto over | €1.160 | €991 |
Zelfde bruto verhoging, zelfde belastingschijf, toch €169 verschil. Dat komt volledig door de arbeidskorting: bij €40.000 groeit hij nog mee, bij €50.000 krimpt hij.
6. Waarom de druk bij €78.427 nog hoger wordt
Boven €78.426 ben je klaar met de afbouw van de algemene heffingskorting, maar begint schijf 3 van 49,50%. De arbeidskorting bouwt daar nog steeds af. Het gevolg: tussen €78.427 en €132.920 lever je 56,01% in van elke extra euro. Dat is méér dan bij de allerhoogste inkomens, die boven €132.920 “alleen” 49,50% betalen.
Die zone is voor veel hogere middeninkomens de duurste plek om een bonus of opslag te ontvangen. Wat dat concreet betekent voor een eenmalige uitkering, lees je in bonus of 13e maand netto.
7. Loont meer verdienen dan nog?
Ja. Door belasting en heffingskortingen alleen lever je in 2026 hooguit 56,01% in van een extra euro, dus je gaat er netto altijd op vooruit. De winst is kleiner dan verwacht, niet negatief.
Waar het wél kan wringen, is bij toeslagen. De zorgtoeslag vervalt in 2026 boven een toetsingsinkomen van €40.857 (alleenstaand) of €51.142 (met toeslagpartner). Zit je daar dichtbij, reken dan je toeslagen mee voordat je een verhoging of extra uren beoordeelt.
Veelgestelde vragen
Vanaf welk inkomen bouwt de arbeidskorting af in 2026?
Vanaf een arbeidsinkomen van €45.593. De korting daalt dan met 6,510% van het inkomen boven €45.592. Het maximum is €5.685.
Tot welk inkomen loopt de afbouw door?
Tot €132.920. Vanaf een arbeidsinkomen van €132.921 is de arbeidskorting €0, volgens de tabel arbeidskorting 2026 van de Belastingdienst.
Waarom hou ik bij een loonsverhoging minder over dan verwacht?
Omdat je bovenop het schijftarief ook heffingskorting inlevert. Tussen €45.593 en €78.426 bouwen zowel de arbeidskorting (6,510%) als de algemene heffingskorting (6,398%) af; samen met schijf 2 is de druk 50,47%.
Is de afbouw van de arbeidskorting een extra belasting?
Nee. Het is een korting die kleiner wordt naarmate je meer verdient. Het effect op je netto voelt hetzelfde, maar het stopt zodra de korting op is.
Kan ik door meer te verdienen netto minder overhouden?
Door belasting en heffingskortingen niet: de druk is in 2026 hooguit 56,01%, dus je gaat er altijd op vooruit. Wel kan een hoger inkomen je toeslagen verlagen of laten vervallen.
Bouwt de algemene heffingskorting ook af?
Ja. De algemene heffingskorting is €3.115 tot een verzamelinkomen van €29.736, daalt daarboven met 6,398% per euro en is €0 vanaf €78.427.
Bronnen
- Belastingdienst — Tabel arbeidskorting 2026
- Belastingdienst — Tabel algemene heffingskorting 2026
- Belastingdienst — Belastingschijven en tarieven 2026 (box 1)
- Dienst Toeslagen — Maximaal inkomen voor zorgtoeslag 2026