Vier dagen werken levert 86% op van het vijfdaagse netto-inkomen — voor 80% van de tijd. Bij een voltijdsalaris van €48.000 is dat €2.731 per maand tegen €3.179. Het verschil is kleiner dan de urenverhouding suggereert, en dat komt doordat je heffingskortingen meebewegen met je inkomen. Let op: alle bedragen hieronder zijn indicatief en berekend zonder pensioenpremie — op je eigen loonstrook staat een lager bedrag.
De kern in cijfers
Alle bedragen zijn indicatief: berekend met de tarieven van 2026, zonder pensioenpremie en zonder toeslagen.
- 5 dagen: €3.179 netto per maand bij €48.000 bruto per jaar.
- 4 dagen: €2.731 netto per maand — 86% van het vijfdaagse bedrag.
- Van de vijfde dag houd je 56% over: €9.600 bruto erbij levert €5.372 netto op, ofwel €448 per maand.
- Bij een hoger salaris wordt dat minder: op €60.000 voltijd houd je van de vijfde dag net geen helft over (49,5%).
- Toeslagen zitten er niet in. Ontvang je die, dan wordt het verschil in de praktijk nog kleiner.
Inhoudsopgave
1. De rekensom in één tabel
We nemen een voltijdsalaris van €48.000 bruto per jaar — het modale inkomen voor 2026 — en rekenen door wat er bij verschillende werkweken netto overblijft. De som rekent met je salarisdeel, niet met je uren: vier dagen staat hier gelijk aan 80% van het voltijdsalaris. Werk je in een 40-urige cao 36 uur, dan is dat 90% en schuiven de bedragen mee.
Netto per maand bij een voltijdsalaris van €48.000 (2026, indicatief — zonder pensioenpremie en zonder toeslagen)
| Dagen | Bruto/jaar | Netto/jaar | Netto/maand | Effectieve druk | % van 5 dagen |
|---|---|---|---|---|---|
| 5 dagen | €48.000 | €38.150 | €3.179 | 20,5% | 100% |
| 4 dagen | €38.400 | €32.777 | €2.731 | 14,6% | 86% |
| 3 dagen | €28.800 | €26.977 | €2.248 | 6,3% | 71% |
| 2 dagen | €19.200 | €18.691 | €1.558 | 2,7% | 49% |
2. Wat elke extra dag oplevert
Interessanter dan het totaal is de vraag wat elke afzonderlijke dag je netto opbrengt. Let op: hieronder gaat het om een ander soort percentage dan hierboven. Daar ging het over je totale inkomen; hier over het deel van de extra bruto dat je van die ene dag overhoudt.
Hoeveel van de extra bruto je netto overhoudt per extra werkdag
| Stap | Bruto erbij | Netto erbij | Je houdt over |
|---|---|---|---|
| Van 2 naar 3 dagen | €9.600 | €8.286 | 86% |
| Van 3 naar 4 dagen | €9.600 | €5.801 | 60% |
| Van 4 naar 5 dagen | €9.600 | €5.372 | 56% |
Concreet: je vijfde werkdag levert netto €5.372 per jaar op, ofwel €448 per maand. Je eerste twee werkdagen samen leveren €1.558 per maand op — ruim drie keer zoveel als die vijfde dag, voor twee keer de tijd.
3. Waarom de vijfde dag het minst oplevert
Dit komt niet doordat er een apart hoog tarief op de laatste dag zit. Er spelen vier dingen mee, en welk ervan het zwaarst weegt hangt af van waar je zit op de inkomensschaal.
Werk je twee dagen, dan zit je met €19.200 onder alle afbouwpunten. Je algemene heffingskorting is nog volledig, en je arbeidskorting is volop aan het opbouwen: elke extra euro levert er 31 cent korting bij op. Samen strijken ze bijna je hele belasting weg. Je effectieve druk is dan 2,7%.
Werk je vijf dagen, dan zit je op €48.000 en zijn beide kortingen fors afgebouwd. Je effectieve druk loopt op naar 20,5%. Die stijging betaal je niet gelijkmatig over al je uren, maar juist over de laatst verdiende euro’s — de uren van die vijfde dag.
4. Reken je eigen situatie door
Vul je eigen voltijdsalaris in en kies je werkweek. De rekenhulp gebruikt dezelfde officiële tarieven als hierboven.
Reken je eigen situatie door
Vul je voltijdsalaris in (wat je zou verdienen bij vijf dagen) en kies hoeveel dagen je werkt. Rekent met de officiële tarieven van 2026 voor loon uit dienstbetrekking, onder de AOW-leeftijd, een heel jaar, met loonheffingskorting. Zonder pensioenpremie en zonder toeslagen — je loonstrook wijkt dus af.
5. Bij een hoger of lager salaris
Voor voltijdsalarissen tussen ongeveer €30.000 en €130.000 geldt hetzelfde patroon; alleen de bedragen verschillen. Drie voltijdsalarissen naast elkaar, steeds voor de stap van vier naar vijf dagen.
| Voltijdsalaris | Netto/mnd bij 4 dagen | Netto/mnd bij 5 dagen | De vijfde dag levert op | Netto als % van de extra bruto |
|---|---|---|---|---|
| €36.000 | €2.248 | €2.612 | €364 | 61% |
| €48.000 | €2.731 | €3.179 | €448 | 56% |
| €60.000 | €3.179 | €3.674 | €495 | 50% |
Binnen dat bereik geldt: hoe hoger het salaris, hoe minder de laatste dag netto oplevert. Waar die salarissen zich verhouden tot de rest van Nederland, lees je in ons artikel over de inkomensverdeling. Dat is de logica van een progressief stelsel met afbouwende kortingen: de eerste verdiende euro’s worden het lichtst belast, de laatste het zwaarst.
6. Wat er níet in deze som zit
Deze berekening laat één ding zien: wat het aantal werkdagen met je netto maandinkomen doet. Dat is niet hetzelfde als de volledige afweging. Vier dingen ontbreken bewust.
- Toeslagen. Zorgtoeslag, huurtoeslag en kindgebonden budget bouwen af naarmate je meer verdient. Ontvang je die, dan wordt het verschil tussen vier en vijf dagen in de praktijk nog kleiner. Welke grenzen daarvoor gelden, staat in ons artikel over toeslagen controleren.
- Kinderopvangtoeslag en de combinatiekorting. Deze twee werken juist de andere kant op. Kinderopvangtoeslag hangt samen met de gewerkte uren, en de inkomensafhankelijke combinatiekorting bouwt op met je arbeidsinkomen. Voor een werkende ouder kan een extra dag daardoor netto meer waard zijn dan deze som laat zien. Let op: die combinatiekorting is sinds 2025 afgeschaft voor nieuwe gevallen en geldt alleen nog voor kinderen die vóór 2025 zijn geboren.
- Pensioenopbouw. Minder werken betekent meestal minder pensioenopbouw. Dat merk je nu niet, maar later wel.
- WW en arbeidsongeschiktheid. Uitkeringen zijn gekoppeld aan je laatstverdiende loon en je arbeidsverleden. Een kleinere baan betekent doorgaans een lagere uitkering als het misgaat.
- Loopbaan en zelfstandigheid. Doorgroeimogelijkheden, je onderhandelingspositie en je financiële zelfstandigheid hangen samen met wat je verdient. Dat laat zich niet in een tabel vangen.
7. Drie situaties
Ilse werkt 5 dagen bij een voltijdsalaris van €48.000 en overweegt 4 dagen
- Nu (5 dagen): €3.179 netto per maand
- Straks (4 dagen): €2.731 netto per maand
- Verschil: €448 per maand, bij €9.600 bruto verschil per jaar
- Van die ene dag houdt zij over: 56% van het bruto bedrag
Ze levert 20% van haar werkweek in en houdt daar netto ruim 14% van in. Wat die dag haar oplevert — en of dat opweegt tegen minder pensioenopbouw — is een afweging die alleen zij kan maken.
Youssef werkt 3 dagen en overweegt er een vierde bij te nemen
- Nu (3 dagen): €2.248 netto per maand
- Straks (4 dagen): €2.731 netto per maand
- Verschil: €483 per maand, bij €9.600 bruto verschil per jaar
- Van die ene dag houdt hij over: 60% van het bruto bedrag
Van de extra bruto houdt hij 60% over. Dat is meer dan bij de stap van vier naar vijf, maar minder dan hij op basis van zijn schijftarief zou verwachten.
Marloes verdient €60.000 voltijd en werkt vijf dagen
- Nu (5 dagen): €3.674 netto per maand
- Straks (4 dagen): €3.179 netto per maand
- Verschil: €495 per maand, bij €12.000 bruto verschil per jaar
- Van die ene dag houdt ze over: 49,5% van het bruto bedrag
Bij haar salaris levert de vijfde dag net geen helft van het bruto bedrag netto op: 49,5%. Van alle drie is haar laatste werkdag netto het minst opleverend.
8. Veelgestelde vragen
Hoeveel scheelt vier dagen werken ten opzichte van vijf?
Bij een voltijdsalaris van €48.000 houd je bij vier dagen ongeveer €2.731 netto per maand over, tegen €3.179 bij vijf dagen. Dat is 86% van het netto-inkomen voor 80% van de tijd. Het verschil is dus kleiner dan het aantal uren doet vermoeden.
Waarom levert de vijfde werkdag netto zo weinig op?
Omdat je over dat extra inkomen niet alleen belasting betaalt, maar ook een stuk heffingskorting inlevert. De algemene heffingskorting bouwt af vanaf €29.736 en de arbeidskorting vanaf €45.592. Beide afbouwen tellen op bij het schijftarief, waardoor je van elke extra euro minder overhoudt.
Hoeveel van mijn extra bruto houd ik over als ik een dag meer ga werken?
Dat hangt af van waar je begint. Bij een voltijdsalaris van €48.000 houd je van de stap van twee naar drie dagen nog 86% over, van drie naar vier 60%, en van vier naar vijf 56%. Hoe meer dagen je al werkt, hoe minder de volgende dag netto oplevert.
Geldt dit ook bij een hoger of lager salaris?
Voor voltijdsalarissen tussen ongeveer €30.000 en €130.000 geldt hetzelfde patroon, alleen de percentages verschillen. Daaronder kan het omdraaien: bij een voltijdsalaris van €28.000 levert de vierde dag juist meer op dan de derde, omdat de arbeidskorting daar nog opbouwt. Bij een voltijdsalaris van €36.000 houd je van de vijfde dag 61% over, bij €48.000 is dat 56% en bij €60.000 net geen 50%. Hoe hoger je inkomen, hoe minder de laatste dag netto oplevert.
Zitten toeslagen in deze berekening?
Nee. Deze som rekent alleen met belasting en de twee grote heffingskortingen. Ontvang je zorgtoeslag, huurtoeslag of kindgebonden budget, dan bouwen die af naarmate je meer verdient. Daardoor wordt het verschil tussen vier en vijf dagen in de praktijk vaak nog kleiner.
Betekent dit dat ik beter minder kan gaan werken?
Dat is een persoonlijke afweging die dit artikel niet voor je maakt. Minder werken levert netto naar verhouding meer vrije tijd op, maar raakt ook je pensioenopbouw, je WW-rechten, je doorgroeimogelijkheden en je financiële zelfstandigheid. Dit artikel laat alleen zien wat het met je maandinkomen doet.
Schaalt mijn brutosalaris altijd evenredig mee met het aantal dagen?
Meestal wel, maar niet altijd. Bij sommige collectieve arbeidsovereenkomsten en functies gelden afwijkende afspraken, bijvoorbeeld rond toeslagen, bonussen of een vaste onkostenvergoeding. Deze berekening gaat uit van een evenredige verdeling: vier dagen is 80% van het voltijdsalaris.
Waarom is de effectieve druk bij weinig dagen zo laag?
Omdat de heffingskortingen bij lage inkomens een groot deel van de belasting wegstrepen. Bij twee dagen op een voltijdsalaris van €48.000 verdien je €19.200 bruto en draag je per saldo maar 2,7% af. Die kortingen bouwen af naarmate je meer verdient, en dat is precies waarom elke volgende dag minder oplevert.
Bronnen
- Belastingdienst — tarieven en schijven box 1 voor 2026. belastingdienst.nl — tarieven en schijven
- Belastingdienst — tabel arbeidskorting 2026 (vier inkomenstrajecten). belastingdienst.nl — arbeidskorting
- Belastingdienst — tabel algemene heffingskorting 2026. belastingdienst.nl — heffingskorting
- Belastingdienst / Dienst Toeslagen — proefberekening, voor het effect op toeslagen. belastingdienst.nl — proefberekening
Gepubliceerd op 7 augustus 2026. Alle berekeningen gebruiken de tarieven en heffingskortingen van 2026 voor iemand die een heel jaar in loondienst werkt, de AOW-leeftijd nog niet heeft bereikt en bij wie de loonheffingskorting wordt toegepast. Zonder pensioenpremie, zonder toeslagen en zonder overige aftrekposten, en uitgaand van een brutosalaris dat evenredig meeschaalt met het aantal dagen. Dit artikel geeft algemene informatie en geen persoonlijk financieel advies.